Eindelijk weer overwinning Eerste Tiental

Na twee nederlagen op rij heeft het eerste tiental zich zaterdag tegen Van Stigt Thans weten te herpakken. Met een – uiteindelijk – regelmatige 13-7 overwinning ligt de tweede plaats nu in eigen hand. In het extreme geval dat koploper Volendam nog een misstap begaat is zelfs de titel nog haalbaar!
Ik zal een verslag geven van de wedstrijd met plaatjes; Bert Dollekamp zal in het Dagblad van het Noorden de wedstrijd met woorden beschrijven.

Bord 1: Frits Luteyn – Aleksej Domtsjev: 1-1

Deze partij past meteen al in het thema van de dag: aanval versus omsingeling. In deze partij kwam de omsingeling van onze kant.

In deze fraaie stand (eerste diagram) moet zwart een beslissing nemen. In de partij koos Aleksej voor 33. … 14-19 34. 23×14 10×30 35. 29-23 18×29 36. 33×35 13-18. Het interessante alternatief was 33. … 12-17?! 34. 23×3 21-26 35. 3×21 16×36. Voor een schijf (en dat worden er twee) komt er een doorbraak aan voor zwart. Het is de vraag of dat winnend zou zijn, aangezien wit met 33 en 16 naar dam zal proberen te lopen. Bijvoorbeeld: 36. 33-28 14-19 37. 40-35 19×30 38. 35×24 26-31 39. 37×26 36-41 40. 28-22 41-46 41. 45-40 (anders komt 46-19) maar wit is nog lang niet op dam. Verder heeft zwart nog een schijf op 5; het mag dan wel een cliché zijn dat deze goed is voor het eindspel, maar hier lijkt dat me zeker van toepassing! In de partij kwamen er ook doorbraakkansen: 37. 39-33 18-22! 38. 31-26 22-27! 39. 26×17 12×21 40. 35-30 27-32! 41. 37×28 21-26 42. 28-22 (zie tweede diagram). Maar er zijn wel wat praktische problemen: op 26-31 volgt nu 34-29 en 33-28. Vandaar wat geduld in de partij; uiteindelijk komen we bij het tweede thema van de dag aan: remise maken met een offer. 42. … 5-10 43. 22-17 8-12 44. 17×8 2×13 45. 44-39 10-14 46. 33-28 14-19 47. 39-33 20-24 48. 40-35 13-18 (zie derde diagram). 49. 34-29! 25×32 50. 38×27 en door de grote compensatie die 27 tegen 16 en 26 oplevert liep de partij remise.

Bord 2: Hans Jansen – Peter van der Stap: 2-0

Dit was een goede loting voor ons; vorig jaar had Hans deze tegenstander ook al gevloerd.

In het eerste diagram is al een perfect speltype te zien voor de Mysticus: opsluitingspel in combinatie met een randschijf op 36. In zekere zin ook een soort aanval versus omsingeling, gezien het (schijnbaar) machtige zwarte centrum. Na 32. … 23-29? 33. 34×23 18×29 forceerde Hans even simpel als verrassend schijfwinst: 34. 27-21! 36×27 35. 21×32 en zwart kan niets meer doen tegen de dreiging 32-28 en 40-34 met winst. Hij offerde maar een schijf met 35. … 22-27, maar kwam toen ook weer in die opsluiting terecht. In het tweede diagram de slotstand: hoeveel schijven heeft wit ‘te veel’?

Bord 3: Martijn Rentmeester – Wiebe van der Wijk: 1-1

Ook deze partij past in het thema; deze keer met onze man in de aanval.

In het eerste diagram het moment waar Wiebe de aanval in gaat (9. … 21-27 10. 32×21 16×27), maar Rentmeester kreeg goed tegenspel en het resultaat is te zien in het tweede diagram. Gelukkig eiste de ingewikkelde partij zijn tol, vooral op de klok, zodat de laatste zetten in vliegende tijdnood werden afgewerkt. Vanaf het tweede diagram: 49. 41-36 (41-37 was winnend, naar verluidt) 7-12 50. 38-32 28×37 51. 31×42 22×31 52. 36×27 12-17 (?) (23-29!) 53. 35-30 en pas nu durfde Wiebe zijn vlag te laten vallen. Gelukkig was de schade nog te overzien en liep het naar remise.

Bord 4: Jan Ekke de Vries – Ron Heusdens: 1-1

Óók Jan Ekke koos de aanval, ondanks dat Heusdens bekend staat als gekwiekst omsingelaar. Maar de aanval is soms ook de beste verdediging!

Het meest interessante moment uit de partij voor ons team is te zien in het diagram. Jan Ekke ging verder met 15. 32-28 (?) 23×32 16. 37×17 12×21 17. 31-26 7-12 18. 26×17 11×22 19. 30-24 etc. met een spannende stand die uiteindelijk goed liep voor Heusdens; hij kreeg uiteindelijk een doorbraak naar dam voor 1 schijf, maar die bleek niet genoeg voor de winst (zie toernooibase). Beter was het om in de diagramstand 15. 30-24! te spelen. Het doel is dan om, in plaats van 23 af te ruilen, deze schijf te gaan bedreigen. Er dreigt 24-20, dus moet zwart kiezen uit 14-19 (40-35, 19×30, 35×24) en 14-20. Beide worden gevolgd door 47-42. Het meest plausibel lijkt 15. … 14-20 16. 47-42 9-14 (na 11-17, 33-28, 22×33, 39×19, 9-14, 38-33, 14×23, 33-28, 3-9, 28×19, 9-14, 42-38, 14×23 38-33 lijkt de schijf op 23 echt te vallen) 17. 31-27! 22×31 18. 36×27 en deze stand is gevaarlijk voor zwart vanwege het open veld op 9. Als zwart dat probeert te dichten met 18. … 3-9?! dan komen er (voor de Roozenburgopstelling karakteristieke) zetjes in: 19. 40-35! en nu falen 12-17 én 11-17 op 24-19, 27-22 met winst. Op 11-16 volgt ook 24-19, 27-22 en na het slaan 34-30, waarna de schijf op 27 waarschijnlijk verloren gaat. Daarom lijkt 19. … 14-19 verplicht waarna wit sterk 20. 35-30! zal overwegen met een kansrijke Bonnard vanwege de snelle omsingeling van 23 en de open velden 3 en 4. Jammer!

Bord 5: Anatoli Gantwarg – Martin Dolfing: 1-1

Bord 6: Wouter Sipma – Rob Clerc: 1-1

Bord 7: Dirk van Schaik jr. – Wim Koopman: 2-0

Bord 8: Michiel Kroesbergen – Patrick Stork: 2-0

Bord 9: Waldo Aliar – Roel Boomstra: 0-2

Bord 10: Nick Hoving – Michiel Torn: 2-0

http://www.australianopen.com/en_AU/video/index.html#ooid=VqNWNrODr2_-LVFaZW98AxOnaIVXxOUE
This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.