2. De lange lijn
Kan een zwarte dam op de lange lijn het houden tegen drie witte schijven achter de lange lijn en een witte dam?
Wit wint als een van zijn schijven nog op 17 staat.

diagram 2.1
Zwart heeft een dam op de lange lijn. Wit wint
Zwarte dam op 16: 1. 4-1 16-3 (1. … 16-11 2. 17-14) 2. 9-6 3×15 3. 17-14 W+
Zwarte dam op 3: Eerst een paar tempo’s, bv.1. 4-18 3-16 2. 18-14 16-3 3. 14-4 3-16 en dan 4. 4-1 enz.
Met drie schijven achter de lange lijn zonder een schijf op 17 is het remise. Dat heeft er mee te maken, dat de zwarte dam, behalve de velden 3 en 16, nu ook veld 13 tot zijn beschikking heeft.
Als zwart een schijf op 3 heeft, dan is een zwarte dam op de lange lijn zelfs tegen drie stukken lang niet veilig. Dit eindspel sluit aan op diagram 1.2

diagram 2.2
Zwart heeft een dam op de lange lijn en wit heeft nog niet eens een dam! Toch wint wit.
Eerst even dit: zwart heeft remise door 6-16 en 3-6-9 in de zin. Wat kan wit daar aan doen?
Hieronder staat het antwoord. Maar dan zitten er nog veel haken en ogen aan de winst . Daar is heel hoofdstuk 3 voor nodig. diagram 2.3

Ook verbazend. Drie witte dammen tegen een zwarte dam op de lange lijn, maar door schijf 15 gaat zwart verliezen. In het algemeen is het remise, maar hier heeft zwart zijn dam net onhandig neergezet. Op 3 en op 16 staat de dam veilig.
De oplossing staat onderaan.
Later meer over eindspelen met een zwarte schijf op 15.
oplossingen
diagram 2.2
Wit speelt 1. 4-1. Op 1. … 6-16 komt dan 2. 18-14 en schijf 3 kan niet van zijn plaats.
diagram 2.3
1. 17-12
1. … 8-1 2. 2-5 15×8 5×15 W+
1. … 8-13 2. 2-10 W+
1. … 8-3 2. 18-7 15×8 3. 2-6 8-12 4. 6-16 12-15 5. 7-18 W+
1. … 8-16 2. 2-9 15×8 3. 18-11 8×13 4. 9-17 W+ of ook
1. … 8-16 2. 2-10 15×8 3. 10-13 W+
