Na een paar inleidende zetten slaan wit en zwart zigzag het bord over.
Daarna moet wit nog nauwkeurig naar de winnende positie toe manoeuvreren.
Wit wint door
38-33 29×36 26-21 22×42 25-20 21×43 20×29 23×34 43×14 34×43 49×47.
Na 13-19 14×23 6-11 komt wit precies op tijd. De enige kans voor zwart is
6-11 14-10 13-19.
Wit kan nu op en paar manieren naar de eindstand toe werken. De meest dwingende is
10-5 19-24 5-28 11-16 28-23 16-21* 23-32 21-26 32-38 24-30 38-43 30-35
43-34 26-31 34-23 en fraaie eindstand is bereikt.
Zowel na 31-37 als na 35-40 is het precies uit.
* Op 24-30 wacht wit even af, bijvoorbeeld met 23-29.
Op 30-35 komt dan 29-12 en op 16-21 volgt 29-38 21-26 38-43 als in de hoofdvariant.
