De aard van het beestje – Roel Boomstra

10-03-2019

Recent las ik het boek ‘Stoppen & Doorgaan’ van Margriet de Schutter. In het 8e hoofdstuk ‘Vastbijten’ beschrijft ze prachtig hoe ze zeer gefocust toewerkt naar het halen van een deadline (terwijl ze juist al gestopt was met topsport). Het harde werken breekt haar op.

‘Lieverd, wat is nu belangrijker, die deadline of jouw gezondheid? [vraagt haar vriend]’ ‘Mijn gezondheid, maar het is nog heel even. Over twee weken is de deadline voorbij en dan komt mijn gezondheid weer op nummer één.’

Stoppen & Doorgaan – Margriet de Schutter (shorttrack).

Deze mentaliteit komt me bekend voor. Altijd nog even doorgaan, rust komt later wel. Tegen de tijd dat het project eindelijk is afgerond dient zich doorgaans het volgende al aan. Rust wordt weer uitgesteld.

Eerst speelde ik eens in de twee jaar een WK-toernooi. Na mijn debuut in 2011 kreeg ik pas in 2013 een nieuwe kans. Dat toernooi eindigde ik voor het eerst op het podium. Het toernooi van 2015 in Emmen zou míjn toernooi moeten worden. Het hele jaar was ik in uitstekende vorm, maar ik was bang deze goede vorm juist op het WK kwijt te raken. Ik wilde niet alles riskeren om kampioen te worden en speelde op veilig. Wederom werd ik 3e. Ik zou weer twee jaar moeten wachten.

Toen gebeurde er iets opmerkelijks: regerend wereldkampioen Alexander Georgiev trok zich terug voor de match tegen Jan Groenendijk. Ineens had ik geen tussenjaar, maar een jaar waarin ik zou spelen om de wereldtitel. Ik bereidde me zeer goed voor en bereikte mijn doel om wereldkampioen dammen te worden.

WK-match: Jan vs Roel

Minder dan een jaar na de match stond alweer het volgende WK-toernooi op het programma. Dat WK 2017 eindigde voor mij in een teleurstelling. Maar de volgende WK match kwam er al weer aan, meteen in 2018 mocht ik weer om de titel spelen. Elke keer weer het volgende. Ondertussen probeerde ik ook nog hier en daar wat studievakken te halen.

‘Wat is nu belangrijker, die titel of mijn gezondheid?’

Al een tijdje merk ik dat het continu spelen om de wereldtitel mijn gemoedstoestand niet ten goede komt. Elke keer hou ik mezelf voor dat ik na het toernooi een tijdje rust neem, maar in werkelijkheid begin ik dan alweer met de studie. Dan vertel ik me doorgaans dat ik na de tentamens wel even rust neem, maar vaak komt er dan al weer een volgend damtoernooi aan. Of vind ik dat er getraind moet worden.

Mijn grootste bron van plezier is het maximale uit mezelf halen. Rond 2012-2013 zat ik een tijdje in een vormdip en probeerde ik me geen zorgen te maken over het resultaat en alleen te genieten van het spel. Ik vroeg niet meer het maximale van mezelf. Dat werkte juist averechts, ik had er weinig plezier meer in. Pas toen ik de lat weer hoog legde vond ik het dammen weer echt leuk en kwam ik terug op niveau.

Dit maximale uit mezelf halen is behoorlijk vermoeiend. Ik hou van het werken naar grote doelen, maar moet ook oppassen mezelf niet over de kop te werken. Elk jaar een WK, waar ik echt zou willen presteren, lijkt me op dit moment – met mijn studie ernaast – veel gevraagd. En spelen om plek 5 is niet iets waar ik mijn plezier uit haal.

Wat mijn volgende toernooi zal zijn weet ik nog niet. Wellicht kom ik erachter dat ik dammen ook heel leuk is zonder grote doelen. Of merk ik dat ik juist dat het ik het topdammen enorm mis. Of zou ik het dammen geheel niet missen? In ieder geval heb ik besloten me komende tijd eerst op een ander doel van mij te focussen: het afronden van mijn studie Natuurkunde. Waarschijnlijk duurt dat afronden nog iets meer dan een jaar.

Met mijn bachelor-diploma in 2016.

En stiekem denk ik dan al meteen: als ik nou rond april 2020 klaar ben met mijn studie, kan ik me nog mooi ruim een halfjaar voorbereiden op de WK-match van 2020. En natuurlijk kan ik het ook niet laten het komende NK in april van dichtbij te volgen door enkele demonstraties te verzorgen. De topsportmentaliteit blijft toch in de aard van het beestje!