Lieve Haffie (5)

Ja Haf, dit is de laatste keer dat ik je schrijf. In ieder geval voor nu dan. Ik moet eerlijk bekennen dat ik er langzamerhand ook wel een beetje genoeg van krijg. Elke keer vroeg op, een eind rijden en elke keer doen we hetzelfde. Het was wel leuk dat we deze keer in Utrecht afspraken, in plaats van Apeldoorn. Alleen had ik met dat heerlijke weer ook wel graag buiten gezeten.

Zevende ronde

De laatste ronde van deze reeks kwalificatiewedstrijden is in onze groep nog spannend, maar niet voor mij. Met een beetje branie zou ik het zelfs een ereronde kunnen noemen. Mijn tegenstander is Jeroen Goudt en dat is een grappige toevalligheid, want vorig jaar speelden we ook in de laatste ronde tegen elkaar. Verdere gelijkenis is dat ik op dat moment ook eerste stond in de poule, al was ik toen zelfs met remise nog niet 100% zeker. Jeroens uitgangspositie was hetzelfde als nu: alleen bij winst rest er kans op een finaleplaats.

Ik ken hem als een goed geschoolde speler met een mooie speelstijl, waarschijnlijk onder invloed van Sijbrands, zoals wel meer spelers van zijn generatie. Hij speelt niet (meer) in de Ereklasse en is ook op toernooigebied niet actief. In mijn voorbereiding zag ik wel een aantal recente partijen gelabeld als ‘blind’, waar ik wel van onder te indruk was; blind(simultaan)partijen spelen is niet voor iedereen weggelegd! Omdat ik een interessante partij verwachtte (en ik vorig jaar van hem won), had ik er wel zin in.

Opening

Jeroen is wit en opent met 1. 32-28. Tja, ik heb me wel voorbereid, maar hij heeft de meest normale openingszet gespeeld en nu weet ik eigenlijk niet wat ik ga doen. Het liefst wil ik een spannende stand of anders op z’n minst een beetje voordeel. Met alle zwarte zetten kun je natuurlijk wel op winst spelen, het wisselt vooral hoeveel theorie er is. Nu al vijf minuten gedacht en ik moet toch maar tot een beslissing komen. Oké, ik doe (19-23), daar heb ik wel wat ideeën. En in mijn carrière heb ik die zet eigenlijk nauwelijks gedaan, dus wie weet leer ik nog wat.

Het gaat verder 28×19 (14×23) 37-32 (10-14) 41-37 (16-21). Zoals Schwarzman het speelde tegen Roel Boomstra in de WK-match. Roel probeerde verschillende zetten, waaronder 33-28, de zet die Jeroen ook doet. Schwarzman reageerde met 13-19, maar ik heb andere plannen: (5-10?!) 28×19 (14×23), zie Diagram 1.

Diagram 1

Ja, dit lijkt me een ideale opening tegen Goudt: lekker agressief en vooral hartstikke modern. Roel heeft me deze opening een paar jaar geleden laten zien en zelf een paar keer toegepast; vooral zijn mooie overwinning op Geert van Aalten in de clubcompetitie staat me nog (vaagjes) bij. Ondanks dat ik dit niet speciaal voor deze partij heb voorbereid, kom ik vast wel achter de goede varianten. De partij gaat normaal verder: 31-26 (11-16) 37-31 (10-14) 31-27 (13-19). Door de zet 7-11 eerst uit te stellen, wordt wit sneller tot een beslissing gedwongen; op z’n minst zorgt het voor wat verwarring.

Goudt speelt 38-33(?). Mooi, volgens mij is dat de verkeerde; recentelijk legde Roel in zijn WK-match “Q&A” met Matthias de Kruijff nog uit dat 39-33! sterker is, omdat zwart dan niet makkelijk uit de KVO kan losbreken. Na 9-13 volgt immers rustig 46-41 en na ruilen met 23-29 is zwart dan nog niet los. Maar goed, in dat geval was ik vrolijk een KVO gaan spelen, is ook leuk. Ik doe (9-13) 34-30 (7-11) en nu zag mijn tegenstander het niet zitten om zijn centrum weg te laten slaan met 23-28. Jeroen doet 33-28 en voordat 36-31 komt, móet ik nu ook wel uit de KVO. Maar dat doe ik graag: (17-22) 28×17 (11×31) 26×17 (12×21) 36×27, zie Diagram 2.

Diagram 2

Middenspel

Nou, mijn volgende zetten weet ik al, ik kan lekker achterover leunen. Ik doe (6-11) en daarna 8-12, 2-8, 12-17, 1-6, 8-12, 21-26 in vrijwel willekeurige volgorde. Ik kijk hoe wit heeft opgebouwd en op dat moment kan ik dan kiezen tussen enerzijds 3-8 en als dat niet goed is, doe ik 17-21, 12-17 en kijk ik dan eens of ik met 17-22 de boel kan opblazen. Het is een perfecte opening geweest! Het lijkt op spel uit de Dibman-variant uit de 32-28 16-21 opening maar hier staat het allemaal nog wat beter voor zwart: de lange vleugel is ideaal ontwikkeld, schijf 34 is al afgeslagen naar de rand en zwart heeft misschien ook net wat tempi meer. Wit zal het proberen klassiek te maken, maar dat lijkt me door de dreigende formatie van het Oostblok (of de ‘IJmuider stormram’) niet houdbaar.

Diagram 3

Diagram 3, even later. Ik heb mijn plan uitgevoerd, en dat ik 20-24 ondertussen nog heb moeten doen vind ik niet erg. Alleen Jeroen heeft moeten nadenken en is nu weer aan zet. Hij doet 41-36. Hm, nu kan ik na 3-8 en het sluiten van veld 42 toch een kaatsingszetje nemen? Die blijft aanvankelijk gelijk en is in lang niet alle standen goed, maar omdat wit nu op de achterste rij staat, zou het nu wel eens een schijf kunnen winnen op de lange termijn. Ook al win ik de schijf niet, dan lijkt 3-8 me een sterke zet en waarschijnlijk sterker dan 17-21, 21-26.

Na een tijdje denken denk ik het rond te hebben en zet ik de forcing in: (3-8) 47-42 (26-31!) 37×26 (24-29) 33×24 (17-21) 26×17 (11×33) 38×29 (23×25). Om 14-20 tegen te gaan moet nu wel 32-28 (19×30) 35×24, zie Diagram 4. Nu kom ik eerst op rechts: (6-11) 42-38 (11-17) 38-32. Want na 49-43 (17-22) 28×17 (12×32) 38×27 (14-20) komt wit net een zet te laat om 45×3 eruit te halen (met iets als 43-38&50-44, 38-32, 48-43 en 40-35. Nu schijf 32 er staat ga ik links verder en dan door het centrum. 17-22 is misschien ook wel sterk, maar dan moet ik veel achterlopen berekenen met 21-26 en 26-31 of juist wit met 36-31 en 31-26. En om eerlijk te zijn; met een NK-ticket op zak kan ik me wel een beetje luiheid permitteren.

Diagram 4

Mijn plan is (4-10) 50-44 (18-23) 28×19 (14×23) en nu dreigt 13-18 met 1-om-2 dreiging. Nu zag ik nog wel dat wit in plaats van 50-44 net misschien slim 40-34(!) 18-23×23 34-29?! 23×34 50-44 had kunnen proberen, maar de kans dat dat zou komen én tegelijkertijd echt sterk zou zijn, leek me niet zo groot. Om de dreiging in de partij tegen te gaan speelt Jeroen 39-33 maar na (23-29) heb ik toch echt schijfwinst te pakken.

Diagram 5

In Diagram 5 het slotakkoord van de partij: ik speel hier (24-30) om schijf 15 in het spel te kunnen brengen en zo alle compensatie teniet te doen. Maar het is ook nog een sluwe zet: Jeroen loopt erin met 40-34(?) en nu kan ik het mooi afsluiten met (16-21!) 27×16 (18-22!) en wit gaat nog meer schijven kwijtraken. De doorbraak met 39-33 (30×48) 32-27 (48×26) 27×7 biedt ook geen soelaas na 17-22 en dus geeft Jeroen op. Met een goede overwinning afgesloten!

Conclusie

Ja, zo zie je maar, even nadenken op de eerste zet kan ook wel eens heel goed uitpakken. Met de opening die op het bord kwam had ik uiteindelijk een makkelijke middag, omdat ik in het middenspel niet echt hoefde na te denken en het kaatsingszetje de partij al besliste voordat die goed en wel was begonnen.

Dus, Haffie, het zit er weer op. En wat heb ik gezien? Je gaat met zeven anderen! Ik durf ze zelfs wel bij naam te noemen! Casper Remeijer, Hein Meijer, Ron Heusdens, Wim Kalis, Anton van Berkel, Niek Kuijvenhoven en Rob Geurtsen. Die laatste zat ik nota bene zelfs naast! Ik begrijp nu wel weer dat ik je elk jaar weer de laan uit stuur, pfff… Ik kan niet ontkennen dat we het leuk hebben gehad en dat je goed voor me bent geweest, maar ik wil je met niemand delen. Het is tijd om afscheid te nemen! Ik heb al een afspraakje met Nekkie! Tot hopelijk nooit weer ziens!