Damreporter figureert in stand-up act

● Lambert Jan Koops speelt met schijf tegenstander
● Mevrouw Dollekamp: zo hoort het niet
● Hijken wint op zijn sloffen in Twente

DvhN 17 oktober 2011

Door Bert Dollekamp

Borne  Als mijn geachte collega Jan Mennega bij een vloedgolf aan blessures plotseling zou opduiken in de spits van de FC Groningen, zou dat niet onopgemerkt blijven. In de ereklasse dammen daarentegen worden de sporadische invalbeurten van uw correspondent (meestal verlies) doorgaans keurig weggemoffeld in het uitslagenblokje. Maar dit weekend kwam onbedoeld in het nieuws als figurant in een bizarre act.

Bij afwezigheid van grootmeester Domchev en enkele vaste reserves deed teamchef Jacob Okken voor de uitbeurt tegen Twente’s Eerste een beroep op ondergetekende. Nadat ik mevrouw Dollekamp (90) uit Vries bij haar zuster in Rijssen had afgeleverd, zodat het hoe dan ook een welbestede dag was, meldde ik mij in het speellokaal in Borne. “Je moet tegen Lambert Jan-Koops, die stand-up comedian” werd mij meegedeeld.

Ik had natuurlijk gehoopt op de grote Wirny en dan het frivole 31-27 geopend, maar dat leek me tegen deze met een snel petje getooide artiest ook wel wat. Koops trok echter zijn eigen plan. Met de kromste openingszet ooit werd ik meegetrokken in een meesterlijke act. Subtiel manoevrerend bereikte ik binnen tien zetten groot voordeel, om tevreden rondkuierend vast te stellen dat ook Kroesbergen, Boomstra, Okken, Sipma én mijn ouderwets laverende buurman Hans Jansen de wind eronder hadden. Alleen Henk Kalk permitteerde zich een sterk getimede off-day.

Met een sierlijke manoeuvre maakte ik de weg vrij voor een zegetocht naar de damlijn. Toen kwam de ontnuchtering.  Koops verzonk in nerveus gepeins en begon na een minuut of tien plotseling schijven te offeren. “Verdorie, ben ik er toch ingetrapt”, schoot door mijn hoofd en ik zag de slotslag al schemeren. Met vaste hand voltooide mijn opponent de combinatie, die hij tevoren al had genoteerd, kroonde zijn dam en drukte de klok in. Verbluft keken we naar het bord. De combinatie klopte niet! Opgelucht deed ik mijn volgende zet. “Maar dit kan helemaal niet”, zei Lambert Jan, “het staat zo!”  Consternatie alom. Arbiter erbij.

Langzaam begon het door me door te dringen wat er gebeurd was: de ongelukkige had mijn voorste schijf niet geslágen, op weg naar dam, maar had er zijn slag mee uitgevoerd. Een wel heel bizar geval van hands. De arbiter wees me erop dat de zet met het indrukken van de klok voltooid was, maar dat ik wel het recht had de situatie te herstellen.

Tja wat doen we nu? Epke mag die oefening toch ook niet over doen? En de Duitsers hebben toch ook niet gepleit voor de goal van Lampard?  Het is niet de speeltuinvereniging, maar de ereklasse dammen? Nu ik eenmaal in de act zat, zou ik hem uitspelen ook. Koops gaf op en beende teleurgesteld naar buiten.
Een uurtje later waren we de beste vrienden. Ik gaf hem de bestseller van mijn broer Evert Wie door de week traint is ’s zondags moe. Hij verwerkt de scene in zijn show. En samen gaan we er een stukkie over schrijven.

Mijn moeder zag het direct toen ik de slotslag bij Erna en Gerrit in Rijssen demonstreerde. “Hij slaat met jouw schijf. Dat is niet eerlijk!” En zo is het maar net.