7. Baliakin – Boomstra 1-1

Ondanks dat ik in de 6e ronde wist te winnen van Wouter, bleef Alexander Baliakin aan kop. Hij had namelijk van Hein Meijer gewonnen en behield dus zijn + voorsprong. Ik heb al vaak tegen Alexander gespeeld, en daar heb ik een grote minscore aan over gehouden (4- 1+ 9=). Opmerkelijk hierbij is dat ik 3 keer had verloren op de laatste 5 NK’s. Het leek alsof hij alleen op NK’s echt van mij wilde winnen. Daarbij had hij ook het voordeel dat ik in het verleden psychologische problemen had om tegen hem te spelen. Hij gaf mij training, en had antwoord op elke vraag die ik hem stelde. Ik had het idee dat hij alles wist.

Dit jaar was het een andere situatie. Voor het NK had ik enkele goede resultaten tegen Alexander geboekt (winst in rapid en GL-barrage in China), en ook de laatste officiële partij voor het NK, speelde ik met weinig angst en besloot Alexander zelf om de spanningen op te heffen.

Ik verwachtte dus dit jaar een wat minder agressieve opzet van Alexander, ook omdat hij al een + voorstond. Dat bleek een goede inschatting.

Baliakin,A. (Alexander) – Boomstra,R. (Roel)
NLD-ch, 08-04-2014

1.32-28 18-22 2.37-32 12-18 3.41-37 07-12 4.32-27 Een zet die zelden wordt gezien in partijen van grootmeesters. Zelf speelde ik ook deze zet tegen Valneris met rapid (China 2013). Het idee is simpel klassiek spel, waarbij beide vleugels worden ontwikkeld. 4…19-23 5.28×19 14×23 6.34-29 23×34 7.39×30 01-07 8.44-39 10-14 9.50-44 Tegen Valneris speelde ik 9.30-25 om de ontwikkeling van schijf 5 tegen te gaan. 9…14-19 10.37-32 17-21 11.31-26 22×31 12.26×37 05-10 13.36-31 10-14 14.46-41 21-26 Ik wist dat Baliakin tegen Georgiev in vergelijkbare stand na 14…11-17 koos voor 15.31-26 21-27 16.32×21 16×27, met spel tegen 27 omdat 36 ontbreekt (ereklasse 2011). Ik besloot deze mogelijkheid niet toe laten. 15.41-36 11-17 16.30-25 17-21 17.33-28 07-11 18.35-30 7.baliakin-boomstraDit lijkt mij niet de meest nauwkeurige zet, gewoon 18.39-33 lijkt logischer en sterker.

Zie diagram. 18…18-22(!) 19.28×17 11×22 Nu dreigt zwart met 20…19-23 controle over het centrum te krijgen. Als wit dat voorkomt met 20.39-33 dan volgt 20…22-28 21.33×22 21-27 22.32×21 16×18 met licht voordeel voor zwart. Alexander dacht lang na en kwam met een oplossing. 20.32-28 Een alternatief was 20.31-27 22×31 21.36×27 waarna zwart zal proberen 27 onder druk te zetten. 20…22×33 21.39×28 04-10(!) De beste zet, alleen heeft deze zet toch een groot nadeel. Door de komende afwikkeling verdwijnen er erg veel schijven. Ik dacht dat ik na de afwikkeling duidelijk voordeel zou hebben, en Alexander dan nog een tijd onder druk zou kunnen zetten. Achteraf was de afwikkeling negeren misschien een betere keuze geweest, dan is er nog een hele partij te spelen. 22.40-35 Verplicht in verband met 19-23. 23…19-24(!) 23.30×19 14×41 24.25×05 26×37 25.42×31 41-46 26.44-40(!) Ik verwachtte vooral 26.38-33 12-17 27.33-28 46×23 28.05×11 06×17 met wat voordeel voor zwart. 26…12-17 27.40-34 09-14 28.05×11 06×17 29.38-32 46×40 30.45×34 7.baliakin-boomstra(1)

Het resultaat van de afwikkeling in beeld. Toen ik op de afwikkeling aanstuurde, dacht ik dat de schijven op 31 en 36 er zwak zouden zijn. Mijn idee was dat wit met een achtergebleven schijf op 36 zou moeten spelen, of zwart op 27 zou moeten toelaten. Die redenatie bleek te kloppen. Wat ik echter onjuist had gezien, was dat zwart niet permanent 27 onder controle zou krijgen. Toen deze stand op het bord stond, begreep ik mijn fout, maar er was geen weg meer terug…Het was mij nu duidelijk dat de afwikkeling toch geen voordeel opleverde. 30…21-26 31.47-42 26×37 32.42×31 16-21 33.31-26 21-27 34.48-42! Toen ik op de afwikkeling aanstuurde, had ik niet goed gezien dat wit nu op 34…17-22 geen 35.42-38? 22-28! 36.43-39 13-18 37.35-30 18-22 38.39-33 28×39 39.43×34 22-28! -/+ speelt, maar 35.42-37! waarna 22-28 onschadelijk wordt gemaakt door 36.37-31 (of ook 37.43-38 gevolgd door 38.35-30, 39.38-33, 40.37-32=) 27-32 37.31-27 32×21 38.26×17= 34…13-18 35.42-37 18-23 36.37-32 27×38 37.43×32 15-20 38.49-43 20-24 39.43-39 24-29 40.36-31 29×40 41.35×44 1-1

Door deze remise behield Alexander zijn koppositie, en in het vervolg zou hij deze nooit meer afstaan. Ik vind het ongelofelijk knap hoe hij vrijwel elk jaar weer klaar is voor de nieuwe uitdaging. In 2013 ging Pim Meurs van start met 6 uit 3, met onder andere een overwinning op Alexander Baliakin, maar na 5 ronden stond Alexander alweer op gelijke hoogte, en toen hij eenmaal de koppositie overnam in ronde 6, stond hij deze nooit meer af. Het lijkt alsof het niet uitmaakt hoe hoog de score van zijn concurrenten is, hij haalt toch altijd een betere score. Sinds 2009 lukte het Alexander alleen in 2012 niet om de uitdaging tot een goed eind te brengen.


<- 6. Boomstra – Sipma 2-0 8. Boomstra – Meurs 1-1 ->

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.