1. 24-19! 10-14 (1. … 4-9 2. 30-25!+; 1. … 10-15 2. 19-14/30-25+, vooral niet 2. 19-13??) 2. 19×10 4×15 3. 30-24 21-27 4. 24-19 15-20 5. 19-13 20-24 6. 13-8 24-29 7. 8-2! 29-34(!) 8. 2-16! (8. 2-11? 34-40 9. 11-6 40-45 10. 6-50 26-31!=) 27-31 9. 36×27 34-39 10. 41-36! 39-44 (10. … 39-43 11. 27-21!+) 11. 16-11! 44-50 12. 11-28 50×31 13. 36×27+
Het eindspel is niet helemaal scherp omdat de witte dam op de 12e zet in de winstvoering keuze heeft uit de zetten 11-28/33/39/44…

Dit zijn de drie standen die Ad de Hoon bedoelt. Alle drie op hetzelfde motief!
1. 13-8 29-33 2. 8-2 33-39 3. 2-16 39-44 4. 16-21
Op 2. … 33-38 wint 2-8.
1. 41-37 32×41 2. 39-33 28×39 3. 34×16 25×34 4. 36×27
Een mooi moment! Op 41-46 komt 47-41.
4. … 34-39 5. 47×36 39-44 6. 16-11.
Ook grapppig, dat 1. 47-42 remise is door 32-38.
Als de dam op 34 een schijf was, dan zou 47-42 winnen.
1. 48-43 38×40 2. 39-33 28×30 3. 45×5 22×31 4. 36×27 23×34 5. 5×16 34-39 6. 41-36 39-44 7. 16-11.
Op 3. … 23×34 wint 5×6 of 5×16.
Bijoplossing: 1. 48-43 38×40 2. 41-37 22×42 3. 39-33 28×30
4. 45×5 23×34 5. 5×30.
volgens mij is het wel scherp. bv een probleem van Lize 1969 een notedop van prooyen
van moser diagram 94 van Faure. Met andere woorden proficiat