Lieve Haffie (3)

Ik kom er niet zo gauw aan toe je te schrijven, terwijl je dat zó verdient! Want het is nu alweer bijna twee weken geleden dat ik je voor het laatst zag. Hopelijk heb je na onze eerste twee ontmoetingen de hoop niet opgegeven. Ik weet dat ik meer mijn best had kunnen, ja misschien wel moeten doen. Vanaf nu gaat dat gebeuren, aan mij zal het niet liggen. En ik ben veranderd, dus vergeef me! Ik heb twee mooie verhalen, die ik je nu ga vertellen.

Derde ronde

Dus over naar wat er gebeurd is. In de ochtendronde speelde ik tegen Bert Aalberts. Een specialist en dan vooral op het gebied van remises. Als ik me niet vergis had hij een keer een Ereklasseseizoen met elf remises (in elf partijen). Afgelopen jaar remise met Groenendijk en Baljakin. Gezien de stand (Bert op 3 uit 2, ik op 2 uit 2), zou remise voor hem een goed resultaat zijn. Een taaie pot dus.

Maar in de auto onderweg naar Apeldoorn heeft chauffeur Henk Kalk enige opbeurende woorden: ’Bert is kwetsbaar de laatste tijd’. Omdat Henk tegen Bert gewonnen kwam te staan en het tegen Cor Westerveld ook niet helemaal soepel ging (heb je dat gezien, Haffie?). En in een provinciale wedstrijd van Bill Neven had verloren. Tja, zei ik, tegen spelers van een lager niveau heeft Bert het nu eenmaal lastiger. Tegen gemiddeld 1250 rating haalt hij resultaten als 1250-speler, en tegen 1450 als heeft hij 1450. Met als gevolg dat zijn rating zo rond de 1350 is.

Opening

Diagram 1

Ik open met 32-28, wetende dat hij tegen Baljakin en Groenendijk met 17-22×21 antwoordde. Nu komt 19-23×23. Alvast opmerkelijk. Is hij toch wat van plan vandaag? Even later (Diagram 1) maak ik me op voor een klassieke strijd, ik sta mooi en sta wat tempi achter. (17-22) komt. Na 41-36 (22×31) 36×27 (11-17) weet ik niet echt wat ik moet doen: 33-28 (7-11) 47-41 (1-6) 41-36 (17-22) enz. is te makkelijk voor zwart en 47-41 spelen zonder 33-28 lost mijn probleem nog niet op. Dus maar sluiten, 37-31, wie weet… Verrek, hij doet (22-28) 33×22 (16-21) 27×16 (18×36). Toch een leuke partij!

Diagram 2

Maarja, deze standen (Diagram 2) zijn toch altijd makkelijker te spelen voor zwart en hij heeft geen enkele slechte schijf, behalve 36 misschien; maar mijn schijf op 16 is minstens zo slecht. Waarschijnlijk kan ik analytisch het beste alleen op rechts spelen, de keuze tussen 41-37 en 42-37 nog even uitstellen. Maar als hij dan 11-17, 7-11×12 en 17-22 doet, hoe ga ik dan ooit kansen krijgen? Zwart kan dan lekker gedachteloos aanschuiven. Dan toch maar iets proberen, ook op links. Als ik 32-27 doe, staat hij na (11-17) 38-32 (7-11) 16×7 (1×12) en (vroeg of laat 33-28) in ieder geval vast. Zoals ik tegen Bhiem Ramdien had op het laatste NK had, dat ging lekker. Dus dat maar proberen.

Diagram 3

Middenspel

Tja, daar (Diagram 3) sta je dan met je ambities. Zwart heeft goed aangeschoven en het enige wat ik bereikt heb is een extra randschijf op 26. Zo gauw ik 32-27 doe, kan hij me direct wegdrukken met (1-6), omdat dan 17-21, 7-11 dreigt. En als ik wacht, moet ik oppassen niet overlopen te worden na bijvoorbeeld 42-37 (18-22) 48-42 (7-11) 16×7 (1×12) 50-44 (23-28) 32×23 (19×28). En als ik direct 50-44 doe, welk tempo heb ik dan eigenlijk na (7-12) 32-27 (17-22)? Schijf 40 wil ik niet meer beroeren…

Goed, tot zover een pessimistische blik op de stand. Ik kan na 32-27 (1-6) ook gewoon met overtuiging 27-21 doen. Alsof het de bedoeling is. Tsjizjov speelt zijn zetten ook altijd met overtuiging, en ik zag hem op het EK in Moskou tegen Boelatov nog met dat klaverblaadje spelen, in hetzelfde type randschijvenspel. Als ik dat toch ga doen, kan ik dan ook niet net zo goed 32-28×27 doen en na (1-6) 27-21? Volgens mij zit er geen zetje in; het zou stom zijn met volle overtuiging in een zetje te lopen. Maar ja, 1-6 is toch een beetje een lelijke zet en stel dat hij die níét doet. Misschien dan toch maar 32-27 om de zwarte stand iets logger te houden. Ja, die doe ik! En (1-6) komt. 27-21 (7-12) 42-37 (6-11) 16×7 (12×1) 21-16 (17-22) 16×7 (12×1). Yes, ik ben weer een beetje terug in de partij!

Zo (Diagram 4), ik sta in ieder geval wat mooier, van schijf 16 ben ik af, terwijl hij 36 nog heeft. En dat pootje 15-20-24 moet ook nog maar in het spel komen. Alleen staat hij verder centraal en superver naar voren. Gelukkig heeft het middenspel ons beide veel tijd gekost, hem nog wat meer dan ik. Maar hij heeft goed gespeeld. Hopelijk komt er nog een spannende eindfase van de partij.

Diagram 4

Hoe verder? Met 48-42 en met 32-28 forceer ik iets. Na 32-28 (23×32) 38×27 (22×31) 26×37 dreigt 47-41, 39-34 dus moet hij iets. Na 24-29×29 (of 24-30) combineer ik via 47-41, 48-42 (of, in geval van (24-30), 37-32, 39-33 enz.), 40-35 en 45×3; leuk, maar Bert ziet zetjes wel. En (18-23) ligt minstens zo voor de hand. Na 32-27 (8-12) duurt het vervolg 43-38, 38-32, 33-28 wel erg lang; dan krijg ik vast een keer 24-29×29 om m’n oren. Maar na die ruil kan ik zijn stand nog enigszins proberen vast te leggen met 39-34.

En 48-42 dan? Dan moet hij óf 22-27, 23-28 nemen, óf met schijf 24 spelen. De twee-om-twee ruil activeert mijn stand alleen maar en ligt bovendien niet in de lijn van de partij. Dus (24-29) 33×24 (20×29) ligt voor de hand. Dan ziet 47-41 (36×47) 42-37 (47×33) 39×17 er wel leuk uit. Maar na (8-12) 17×8 (13×2) sta ik toch te ver weg met mijn schijven om zwart links én rechts bezig te houden. Een andere optie na 24-29×29 is ruilen met 32-28. Als hij dan slaat met (23×32) 38×27 (22×31) 26×37 dreig ik weer met 47-41 enz.; (19-23) lijkt dan helemaal verkeerd na 43-38! Dus dan moet (18-23) en kan ik hopelijk nog wat doen tegen schijf 29.

Conclusie? In beide varianten moet ik het hebben van vaag spel tegen die schijf op 29, maar het is niet zo duidelijk wat nu echt beter is. Ik moet snel beslissen als ik nog wat tijdsdruk wil houden. Tijdtechnisch, tja; na 32-28 heeft hij gratis 2 minuten erbij en na 48-42 moet hij denken. Laat ik die dan maar gewoon doen! Hij doet na enig denken (24-29) 33×24 (20×29), logisch. Volgens plan 32-28 en nu moet hij weer even denken. Hij slaat anders dan even hierboven: (22×33) 39×28 (23×32) 38×27. Ik sta links iets actiever, maar heb geen concrete dreigingen.

Diagram 5

Eindspel

Diagram 5. Dreigingen zijn er niet echt gekomen. Zwart mist een schijf op 16, maar dat is dan ook het enige. En sterker nog: na 27-21 komt sterk (18-22!) met de dreiging 29-33. Tja, 39-34×34 zal dan wel de beste zet zijn, maar dan kan 24-29×29 en moet ik al 38-33×43. Zwart lijkt dan actiever te staan. Dan maar 39-34 en remise aanbieden? Hoewel, na die ruilen kan ik altijd 27-21-16 en erdoor offeren; ik zal daar niet verliezen. Oké, we hebben beide weinig tijd, ik doe 39-34 (29×40) 45×34. Huh, hij doet (13-19), dat lijkt me niet zo handig. 32-28 doe ik gewoon hoor. (18-23) 38-32 (12-18) 27-21. Nou, dit is opeens niet zo makkelijk meer voor zwart, vooral zonder tijd. In normale varianten ben ik veel eerder op dam. En dat koppel 36-47 is in elk eindspel voordelig voor mij. Zijn laatste seconden tikken weg, (20-25) 21×12 (18×7), zie Diagram 6.

Diagram 6

Is er nog verschil tussen 26-21 en 28-22? Even kijken, dat zie ik zo niet; 26-21 is het meest logisch, die schijf op 28 kan hem misschien nog hinderen, zo doe ik het. Dan mag hij in die minuut die hij nog heeft kijken of (24-29) snel genoeg gaat, of dat hij moet offeren met (25-30) 34×25 (23-29), want ik zie daar nog geen winst. Ah, (24-29) komt, volgens mij gaat dat gewoon mis. 28-22 (29×40) 35×44 (25-30) 22-17 (23-29) 21-16. Zijn grootste probleem zag ik al aankomen, dat hij na (29-34) 17-11 (7-12) 11-6 (30-35) 6-1! niet goed kan plakken: (35-40) 1×14 (40×49) 14-25! en zwarte dam kan niet veilig slaan.

Hij doet (19-23), dus hij weet het kennelijk ook niet meer. 17-11 (7-12) 11-6 (30-34) 6-1! Hij heeft geen tempo. (12-17) 1-6! en nog steeds werkt de plakker (34-40) niet vanwege bovengenoemde reden. Bert geeft op!

Wat fijn, een overwinning, ook al komt hij vanuit het niets. Dat betekent dat ik nog geen gekke dingen hoef te doen in de volgende partijen, want +1 is al een goede basis. Ik ga straks heerlijk relaxt spelen! Gelukkig bood ik na 39-34×34 geen remise aan, stel je voor… Eindspelen met dat extra koppel 36/47 blijven toch altijd gevaarlijk, blijkt maar weer! Zie hier de hele partij.

Vierde ronde

Even een stukje gelopen om tot rust te komen. De speellocatie, die op zich prima is, ligt in een industriegebied en een supermarkt kom ik dus niet tegen. Gelukkig is de catering op locatie prima met broodjes kaas en soep, waar ik, na het ontvangen van de rekening aan het eind van de dag, verrassend weinig voor betaal. Ik speel zo tegen Andrew Tjon a Ong. Altijd met van alles in de weer. Als het niet foto’s maken is, dan is het wel boeken verkopen, trainingen of wedstrijden organiseren of anderzijds met dampromotie bezig zijn. Heeft een taaie speelstijl, tegen sterkere spelers. Het lukte me slechts één keer van hem te winnen, tijdens de World Cup 2013 in Wageningen. De zwaarte van dat toernooi speelde daar een grote rol in, Andrew had elke ronde een zware tegenstander. Het is nu de tweede ronde op een dag, hopelijk helpt dat iets.

Diagram 7

Opening

Inderdaad een taaie opening, zoals verwacht, zie Diagram 7. Zwart staat en laat wit komen. Ik moet kiezen hoe ik verder ga. 22-27 is altijd zoiets. In mijn voorbereiding zag ik dat hij wel een paar keer een dergelijke aanval tegen me nam. Sterk is het niet, maar toch wel enigszins vervelend. Normaal doe ik 49-43 of 48-43, gevolgd door 34-29×29, maar ik zit toch met 22-27 in mijn maag. Ik kan ook 31-27×27 doen, zoals tegen Bert vanochtend. Enige nadeel is dat mijn linkervleugel dan ‘af’ is (net zoals Nederland, zo hoorde ik een vluchteling eens zeggen) en dus nogal statisch. Rechts heb ik wel veel ruimte, dus ik kan het wel doen. Ja, laat ik het proberen, dan hoef ik niet meer over 22-27 na te denken.

Diagram 8

Tja, nu (Diagram 8) sta ik toch een beetje scheef, hoe gaat schijf 47 ooit in het spel komen? Het liefst zou ik nu 33-28 doen, maar na (14-19) 38-33 (10-14) 42-38 (14-20) 25×14 (9×20) staat mijn rechtervleugel behoorlijk stom. Ruilen met 34-29 lijkt me de andere standaardzet, maar dat helpt niet om 47 te ontwikkelen. 33-29 is ook een zet, maar wel lelijk. Daarna kan ik in ieder geval met al mijn schijven naar rechts, ten koste van wat basisschijven… Laat ik maar niet te lang denken en het gewoon doen, het is immers de tweede ronde op een dag.

Diagram 9

Middenspel

De partij heeft me nog niet echt iets gebracht, behalve dan een flinke sloot tempi, in Diagram 9. Zwart staat nog steeds en laat wit nog steeds komen. Andrew is wel eindelijk aan het nadenken. Als hij blijft staan, kan hem weinig overkomen, denk ik. Sterker nog, 15 naar 24 brengen ziet er gewoon sterk uit. Dan moet ik creatief bezig om dat klassiek met een tempo-overschot en gebrek aan basisschijven enigszins draaiende te houden voor mij. Hé, hij doet (18-22) 27×18 (12×23). Stiekem hoopte ik wel dat hij een schijf zou ruilen, maar dit helpt mij enorm. Een typisch geval van één ruil te veel. Nu heb ik geen last meer van schijf 27 en heeft schijf 41 opeens een functie!

Maar hoe nu verder? Ik kan meteen ruilen, 32-28×28, 33-29×29 of 30-24×34 (om mijn schijven te centraliseren) óf ik kan nog even wachten. Het liefste zou ik toch naar voren ruilen en het liefste drukken mét het klaverblaadje. Dan heb ik nog twee wachtzetten, 44-39 en 40-35. Laat ik die maar doen, wie weet wat hij doet. Dus 44-39, (8-12), 40-35, (13-18). Opmerkelijk, die zwarte zetten had ik niet verwacht; ik dacht dat schijf 7 naar het centrum zou gaan. Goed dat ik nog even wachtte.

Diagram 10

Weer even later, Diagram 10. Ik heb flink wat druk gekregen. Maar toch is mijn linkerflank net wat te zwak; eigenlijk zou schijf 39 op 36 moeten staan. Gek eigenlijk, als je bedenkt dat ik in het begin van het middenspel nog overtollige stukken op links had staan. Wat nu te doen? Rekenen, rekenen, rekenen. En als ik niets vind, kan ik altijd nog 30-24×34 doen, om over een paar zetten weer te kijken.

Het liefst doe ik 28-22, om schijf 39 te kunnen ontwikkelen, want 12-18 mag toch niet in verband met 30-24 en altijd 24-20. Maar na 28-22 (21-26) 33-28 kan (12-18) wel weer. Als ik 38-32 doe, kan ik na (4-9) niet echt iets forceren. Misschien met mijn laatste schijf op links spelen? Na 37-31 (4-9) ziet 29-23 er best dreigend uit, hoewel ik niet zeker weet of dat iets voorstelt. En het eindspel na (21-26) 31-27 (16-21) 27×16 (26-31) ziet er ook kansrijk uit. Hoe dan ook heb ik dan ook een extra optie met 31-26 kan ik ook altijd nog 38-32 doen. Laat ik 37-31 maar doen, kijken waar hij mee komt met weinig tijd. Hij denkt en denkt en denkt en komt dan zo’n beetje op het laatste moment met (21-26). Verhip, 31-27 hoeft helemaal niet, ik heb nu ook gewoon 30-24! Ja, dat wint natuurlijk. Na nog een paar zetten geeft Andrew op. Yes! Weer een nogal verrassende manier, waarop de overwinning tot stand kwam, maar aanhoudende druk en de tweede ronde op een dag zullen een rol gespeeld hebben. Zie hier de hele partij.

Conclusie

Wat een droomdag, in ieder geval qua resultaten. Dat maakt een dagje Apeldoorn leuk. In plaats van een punt achter sta ik nu een punt voor en dat betekent dat de druk er de eerstkomende partijen wel af is: bij elke volgende winst ben ik zeker geplaatst en als ik niets meer win, kan het ook genoeg zijn.

Dus Haffie, ik hoop dat je niet bent gaan twijfelen na de eerste twee rondes. Want wat was je mooi, deze zaterdag! Hopelijk kon je ook van mij genieten. Verander alsjeblieft niet. Dat zal ik ook niet doen. Want om eerlijk te zijn, ik mis je. Maar gelukkig zie ik je morgen alweer!

This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.

2 Responses to Lieve Haffie (3)

  1. Rik Smit says:

    Mooi verslag Wouter!

  2. Bart Terwel says:

    Leuke inzichtelijke verslagjes, Wouter!

Laat een reactie achter bij Rik Smit Reactie annuleren

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.